mmmmmmmmmmmmmmmm mm mmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmmm
   

RELIGIE

     
   

Introductie

§ 1. Hemel, aarde en heilige boeken


§ 2.
Ringsynagoge Winsum > klik

m

x gronings jodendom

x taal en cultuur

x religie

x winsums jodendom

x de begraafplaats

x tweede wereldoorlog
  joods monument groningen, waskowsky waskowsky
     
   

INTRODUCTIE

   

Diaspora vijventwintig eeuwen onderweg

.
.
.

 

.

.
.
babylonische ballingschap

  Het woord 'Jood' is afgeleid van Juda, de vierde zoon van aartsvader Jakob en zijn vrouw Lea. Het land dat naar de stam van Juda is vernoemd is één van de twaalf stammen van het oude Israël. Dit land ligt in het zuidelijke koninkrijk en heeft Jeruzalem als hoofdstad. In de Grieks-Romeinse periode heet dit landsdeel Judea. De Joodse diaspora begint met de ondergang van het koninkrijk Juda in het jaar 586 v.Chr. Na de vernietiging van de eerste Tempel in Jeruzalem door de Babyloniërs gaat een klein deel van de Judeërs naar Egypte. De meerderheid gaat in ballingschap naar Babylon, waar ze in afgesloten gemeenschappen hun eigen tradities en religie kunnen voortzetten.
x

.
.

.
.
.
.
.
.
.
.

.
.
.

.
.
altijd in de minderheid

 
12 stammen van israel Vaak hebben deze in ballingschap levende Joden aan bezit nauwelijks meer bij zich dan hun heilige boeken, de Thora en de Talmoed. Een dergelijke minderheidsstatus is karakteristiek voor de Joodse Diaspora en toont de weg waarlangs Joden zich, meestal noodgedwongen, over de hele wereld verspreiden, maar daarbij toch hun eigen cultuur en religie weten te bewaren. Langs die onfortuinlijke weg van de minderheidsgroepering die telkens opnieuw verjaagd wordt en zich daarom telkens opnieuw elders als nieuwkomers vestigen, arriveren ook de eerste (Asjkenazische) Winsumer Joden aan het eind van de 18e eeuw in Winsum-Obergum. Zij brengen hun eigen tradities en religie met zich mee naar een streek in het Noordwesten van de provincie Groningen, waar dan al zo'n duizend jaar het christendom woont.
.
.
leeswijzer
 

x
In §1 bespreken we de Joodse kalender in relatie tot de baan van zon, maan en aarde aan de hemelboog. In die kalender is de zaterdag de rustdag en heiligste dag van de week; op zondag begint de nieuwe werkweek. Voor het nieuwe Joodse jaar wordt een periode van tien dagen gereserveerd, waarbij de tiende dag, 'Grote Verzoendag', de allerheiligste dag van het jaar is. Na bespreking van de kalender volgt een toelichting op de symboliek van het licht in het Jodendom en een korte beschrijving van de inhoud van heilige boeken en gebruiken die daarmee verbonden zijn. Tot slot volgt in §2 de lokale geschiedenis van ringsynagoge Winsum en de heringebruikname na restauratie van de voormalige synagoge aan de Schoolstraat. Daarbij keert de joods religieuze functie van het gebouw niet terug, maar zal de verantwoordelijkheid ten aanzien van het erfgoed van het vooroorlogse Joodse leven in Noordwest Groningen wel een herkenbare plaats innemen.
x
x

   

§1. HEMEL, AARDE EN HEILIGE BOEKENx

   

'Loach', de Joodse kalender

.
.
.
.
.

.
.
nieuwe dag
.
.

. nieuwe week
..
.
nieuw maand
.
.
nieuw jaar
.
.
.
.p
pesach en pasen

  De algemeen gangbare kalender is gebaseerd op de omwenteling van de aarde om de zon. De Joodse kalenderberekening volgt echter de omwenteling van de maan om de aarde. In het Jodendom symboliseert het groter en kleiner worden van de maan 'vernieuwing'. Uit die primaire oriëntatie op de omwenteling van de maan om de aarde spreekt het vertrouwen dat het Joodse volk - net als de maan - nooit verloren zal gaan en ook in duistere perioden mag men vertrouwen op terugkeer en vernieuwing.
x
- Een nieuwe dag in het Jodendom begint niet, zoals in de westerse wereld, om twaalf uur 's nachts, maar op het (van jaargetijde en locatie afhankelijke) moment van de zonsondergang.
- De nieuwe week begint na de heilige rustdag Sjabbat, die vooral in huiselijke kring veel betekenis krijgt.
- De nieuwe maand valt altijd samen met nieuwe maan. Halverwege de maand is de maan vol. Zo'n maand duurt 29 of 30 dagen.
- Het begin van een nieuw Joods jaar krijgt een sterk religieuze lading mee, waarbij de zuiverheid van het geweten, zowel tegenover de naasten als tegenover de God van Israël, centraal staat.

Een zonnejaar duurt 365 dagen en 6 uur. Een Joods jaar duurt elf dagen korter. In de loop van 19 zonnejaren wordt in de Hebreeuwse kalender zeven keer een extra maand ingevoegd, de maand Adar II. Dat zorgt er voor dat het Joodse Pesachfeest altijd in het voorjaar valt. Ons Paasfeest valt altijd op de eerste zondag na Pesach. Het feit dat volgens onze kalender Pasen elk jaar op een andere datum valt heeft dus rechtstreeks te maken met de Joodse kalender. Met Pesach viert het Joodse volk de uittocht uit de slavernij van Egypte (ook wel 'Matzefeest' genoemd) die resulteert in de ontvangst van de Tien Geboden op de berg Sinaï, de 'berg van het verbond.
x

.

.
.
.

. anno christi & anno mundi
.
.

.

.

. sjofar blazen
.
.

. broodkruim voor de vissen


Naast deze afwijking door de primaire oriëntatie op de baan van de maan om de aarde in plaats van de baan van de aarde om de zon, wijkt de Joodse jaartelling ook af van de algemeen gangbare telling omdat men in het Jodendom op een eerder moment in de geschiedenis begint te tellen. Namelijk niet, zoals in de westerse wereld, bij de geboorte van Christus, maar bij het moment waarvan men aanneemt dat de 'Schepping van Hemel een Aarde' plaatsvindt (Anno Mundi). Op grond van de Hebreeuwse Bijbel, gaat men er van uit dat dit het jaar 3761 v. Chr. (vóór de algemeen gangbare jaartelling) betreft. Het nieuwe Joodse jaar, Rosj Hasjana, dat in september of oktober valt, beleven religieuze joden als een gewichtige 'periode van gebed en inkeer'. Met Rosj Hasjana wordt er in de synagoge op de sjofar (ramshoorn) geblazen. Dit herinnert de gelovigen aan het verhaal over Abraham en het offer van Isaak. Ook gaat men met Rosj Hasjana wel gezamenlijk naar een rivier of anderzins stromend water, bijvoorkeur met vissen er in, om er onder het opzeggen van een gebed broodkruimels in te gooien. Dit wegwerpen van de kruimels brood symboliseert het 'zich ontdoen van slechte gedachten'.
    ramshoorn
. sjofar of ramshoorn ......
   

Licht als symbool


.
. detail: namiddag-lichtval
.
  Het onvoltooide, zevendelige Joodse Monument van Eduard Waskowsky uit 1971 aan de Verlengde Hereweg in Groningen toont zes handen en zeven sokkels. Op de foto bovenaan de pagina zijn allleen de vijf laatste handen te zien. De tweede sokkel van rechts is leeg. De wel gerealiseerde 'tweede hand' op de derde sokkel van rechts valt op door de vertikale gerichtheid. Volgens de. CBK-beschrijving .over het verschil in expressie van de gerealiseerde handen strekt die tweede hand zich 'in geloof naar boven uit', waarbij de kandelaarvormige opening in de handpalm de vorm heeft van een 'menora' (zevenarmige kandelaar) als verwijzing naar het Joodse volk. De associatie met de zes scheppingsdagen van hemel en aarde uit het begin van de Thora dient zich aan. In het scheppingsverhaal brengt de tweede dag een hemelboog, die aarde en hemel scheidt. De derde dag brengt scheiding tussen water en land (met bomen des velds). Ordening en verstoring laat Waskowsky zien als hij de zevenarmige kandelaar uit het metaal van de 'tweede hand' verwijderd. Daardoor kan, als aan het eind van de middag de zon in het westen de horizon zoekt, het licht zo in de handpalm vallen dat de menora in de schaduwvorm achter de beeldengroep tevoorschijn komt. Hoe lager de zon, hoe hoger de menora die het oog van de toeschouwer op het oosten richt. Op welk moment in het jaar de oplichtende menora hier de hoogste stand bereikt, zal altijd afhankelijk zijn van dag en tijd én het samenspel van zon, wind en wolken. Dit toont hoe de kunstenaar de elementen heeft willen betrekken bij dit beeld, dat het publiek moet uitdagen om te blijven doordenken wat het Joodse volk in de Tweede Wereldoorlog is aangedaan.
x
. de menora als symbool
 
joods gebedskleed In joodse religie heeft het licht een belangrijke symbolische functie. Zo wordt de Thora wel vergeleken met het licht van de eerste scheppingsdag. De 'mitswot', de geboden, zoals sjabbatrust op zaterdag, worden daarbij beschouwd als de lampen waardoor het licht van de Thora kan schijnen. In de synagoge herinnert de zevenarmige menora aan de scheppingsdagen en symboliseert ook het 'niet-verterende' vuur van het brandende braambos dat Mozes ziet op de berg Sinaï.
(Tijdens Chanoeka wordt er een negenarmige kandelaar gebruikt. Het Chanoeka-feest valt in december en wordt ook wel 'het feest van de lichtjes' genoemd. Het duurt acht dagen en herinnert aan het wonder rond de herinwijding van de Tempel van Jeruzalem in het jaar 164 v.Chr. Sinds de. Haskala .heeft dit feest echter een meer profaan karakter gekregen.)
   

Heilige Boeken

. tenach
.
.
.
.
.
.
.
grondregels
.
.
.
.

.
.
.
.
.
..
.
.
.
.
.
commentaar en discussie

  De heilige verhalen van de religieuze joden staan in de Hebreeuwse Bijbel, de Tenach. Eigenlijk is Tenach geen woord. Het is de samenvoeging van de eerste letters van de drie delen waaruit het boek van Israël is samengesteld: Thora, Nebi'iem en Chetoebiem.

- Thora betekent richtsnoer, wegwijzer. Dit is de kern van Tenach. Daaromheen groeperen zich Nebi'iem en Chetoebiem. De Thora, de eerste vijf boeken van de Tenach, bevat regels van het verbond tussen JHWH en Israël. Elke jood moet zich aan deze voorschriften houden. Ze zijn de grondregels van zijn bestaan.
- De Nebi'iem zijn geschriften van en over profeten. Zij roepen het volk op naar de Thora te leven en roepen het volk op ter verantwoording, wanneer de Thora vergeten wordt. Zij komen op voor armen en onderdrukten. Zij maken de Thora van dode letter tot levende werkelijkheid.
- De Chetoebiem, de Geschriften, vormen de derde kring. Tot deze bundel behoren bv. Psalmen, Spreuken, Prediker en Hooglied. In deze boeken lezen we de reactie, het antwoord van Israël, op de Thora.

De Tenach is dus een bundel boeken van vele vaak eeuwenlang mondeling doorgegeven verhalen. Uiteindelijk zijn de meeste verhalen pas tijdens de Babylonische Ballingschap (586-538) op schrift gesteld.

Naast de Tenach kent de joodse religie ook de Talmoed. Daarin komt dat aspect van het 'onderwijzen' meer naar voren, want daarbij gaat het vooral om het begrip van de teksten en interpretatie naar de (lokale) actualiteit. Teksten worden telkens opnieuw gelezen en van nieuwe commentaren voorzien en ook dat levert telkens opnieuw weer stof op voor discussie.

Tijdens de sjabbatdiensten in de synagoge wordt er iedere zaterdag vanaf de Biema (centraal temidden van de gelovigen) voorgelezen uit de Thorarol, waarbij een voorzanger de voorganger terzijde staat. Door de week wordt de Thorarol bewaard in een mooie beschermmantel, achter een versierd kleed in de gesloten 'Heilige Arke'. Dat is een kast die tegen de muur van de syagoge staat, waarmee de richting naar Jeruzalem wordt aangegeven. Zo is de blik van alle gelovigen tijdens de diensten in de synagoge overal ter wereld gericht op Jeruzalem.
x

. gebedenboeken uit het huis
. van rebbe abraham de vries

  gebedenboeken abraham de vries

.
.
.

. nieuwjaar
.grote verzoendag
. loofhutten
.
.
.
vreugde der wet
.
.
.
.
.
.

.
.
.
.

.
.
.
.
kosjer thuis

  x
Eén van de joods religieuze feestdagen heeft in het bijzonder te maken met het lezen van de Thora. Dit is 'Simcha Thora'. Daaraan voorafgaand wordt eerst (meestal) in september 'Rosh Hasjana' (Joods Nieuwjaar) gevierd. Dan volgt de heiligste aller dagen, Jom Kipoer (Grote Verzoendag) en daarna komt het zeven dagen durende feest, dat 'Soekot' (Loofhuttenfeest) wordt genoemd. Hierbij leeft men in zelfgebouwde hutten in de tuin of op het dak van het huis waar men woont. Dit feest, ter herinnering aan de uittocht van het Joodse volk uit de slavernij van Egypte, wordt gevolgd door:. Simcha Thora .(Vreugde der Wet). Op die dag worden de Thorarollen zingend rondgedragen door de synagoge en soms ook daar buiten. Daarna wordt het laatste deel van de Thora gelezen over de dood van Mozes en aansluitend wordt weer begonnen met het eerste deel, het boek over De Schepping van Hemel en Aarde. Dit leesschema wordt wereldwijd gevolgd, waarbij ook wereldwijd in de synagogen de ogen van gelovigen gericht zijn op Jeruzalem.

Naast Tenach en Talmoed zijn er ook in het jodendom tal van lied- en gebedenboeken in gebruik (bijvoorbeeld rond de joodse feest- en gedenkdagen of rond huwelijk, geboorte en sterfte), die de gelovigen in huis hebben. Net als het kokertje met heilige tekst (mezoeza) op de deurposten. In die kokertjes zit een papiertje met tekst uit Deuteronomium 6:4, die verwijst naar de enige en unieke God: "De Heer onze God is één". Andere religieuze voorwerpen in huis zijn de gebedskleden en keppeltjes voor de mannen, atributen voor de sjabbatviering, een chanoekia-kandelaar, het Pesach-servies en de noodzakelijke keukenvoorzieningen om een 'kosjere' huishouding te kunnen voeren. Daarbij wordt onder andere het bereiden (en eten) van melk- en vleesprodukten op basis van Tenach strikt van elkaar gescheiden.
x
     
    § 1. Hemel, aarde en heilige boeken

§ 2. Ringsynagoge Winsum > klik


terug naar de homepage > klik
     
   
collectie hogelandmuseum warffum
    . col. openluchtmuseum .
. Het Hoogeland, Warffum .
     
   
.
.
met medewerking van: .
.
- dhr. Theo Mol
.
. bronnen: .
. - uitgaven St. Een Joodse Erfenis .
. - uitgaven De Vey Mestdagh Stichting.
. - diverse websites, zie menu links .
.